Belastingrente: collectieve uitspraak op massaal bezwaar
Onlangs heeft de Hoge Raad beslist (zie hier) dat voor de vennootschapsbelasting (Vpb) niet een hoger belastingrentepercentage mag worden gehanteerd dan voor andere belastingen geldt.[1] Naar aanleiding hiervan heeft de inspecteur recent twee collectieve uitspraken op massaal bezwaar gedaan. Hierna lees je wat dit voor jou betekent als je belastingrente hebt betaald.
Massaal bezwaar
Omdat de Belastingdienst vele bezwaren heeft ontvangen tegen de beschikkingen belastingrente zijn deze, voor zowel de Vpb als voor de inkomstenbelasting (IB) en overige belastingen, aangewezen als massaal bezwaar. Om antwoord te krijgen op de geschilpunten is voor de Vpb een proefprocedure gevoerd bij ons hoogste rechtscollege. Op basis van de uitkomst van die proefprocedure volgt één collectieve uitspraak die voor alle bezwaren voor de Vpb geldt en openbaar wordt gemaakt.
Arrest
De Hoge Raad oordeelt dat een hoger belastingrentepercentage dat vooral om budgettaire redenen wordt gehanteerd en alleen één groep treft, namelijk Vpb-plichtigen, in strijd is met het evenredigheidsbeginsel. Er is geen goede reden om voor de Vpb een hoger belastingrentepercentage te hanteren. Daarom geldt voor de Vpb hetzelfde belastingrentepercentage als voor andere belastingen.
Twee collectieve uitspraken
Naar aanleiding van het arrest van de Hoge Raad heeft de inspecteur twee collectieve uitspraken gedaan, omdat hij van mening is dat hiermee ook antwoord is gegeven op de vragen over de belastingrente voor de inkomstenbelasting. De uitkomst hiervan is als volgt:
Wat betekent dit voor jou?
De Belastingdienst moet voor de Vpb het lagere belastingrentepercentage toepassen. Dit betekent dat het belastingrentepercentage wordt verlaagd volgens onderstaand tabel.
Periode | Belastingrentepercentage | Belastingrentepercentage | ||||||||||||||||||||||||||||||
Vanaf 1-1-2026 | 7,5% | 5% | ||||||||||||||||||||||||||||||
1-1-2025 t/m 31-12-2025 | 9% | 6,5% | ||||||||||||||||||||||||||||||
1-1-2024 t/m 31-12-2024 | 10% | 7,5% | ||||||||||||||||||||||||||||||
1-7-2023 t/m 31-12-2023 | 8% | 6% | ||||||||||||||||||||||||||||||
1-1-2022 t/m 30-06-2023 | 8% | 4% |
Het massaal bezwaar en het arrest zien niet op belastingrente die vóór 1 oktober 2020 is gerekend. Het belastingrentepercentage voor die periode blijft dus ongewijzigd. Voor situaties vanaf 1 oktober 2020 geldt voor de Vpb ook het reguliere percentage belastingrente.
Hoe nu verder?
Binnen zes maanden na 25 februari 2026, de datum van de collectieve uitspraak op massaal bezwaar, zullen alle belastingaanslagen Vpb die onder de massaal bezwaarprocedure vallen, cijfermatig worden aangepast.
Heeft jouw aanslag Vpb met belastingrente een dagtekening van vóór 4 december 2025? Dan zal de berekende belastingrente naar aanleiding van de uitspraak op massaal bezwaar niet worden verminderd, als je niet tijdig tegen die aanslag bezwaar hebt ingediend.
Wanneer jouw aanslag Vpb met belastingrente een dagtekening heeft tussen 5 december 2025 en 16 januari 2026, kun je via een bezwaar of een verzoek om ambtshalve vermindering vragen om een verlaging van de belastingrente. Bij een voorlopige aanslag Vpb met belastingrente met een datum vóór 16 januari 2026 dan kan tot zes weken na dagtekening van de definitieve aanslag Vpb een verzoek om vermindering van de belastingrente worden gedaan.
Vanaf 17 januari 2026 hanteert de Belastingdienst het correcte belastingrentepercentage voor de Vpb. Dus daarvoor is geen bezwaar meer nodig.
Tip!
Wil je in de toekomst belastingrente voorkomen? Vraag dan tijdig een voorlopige aanslag aan voor het juiste belastingbedrag, als je niet tijdig de aangifte kunt doen. Zo dient over 2025 vóór 1 mei 2026 een voorlopige aanslag te zijn aangevraagd als het boekjaar op 31 december 2025 is geëindigd. Hiermee verklein je de kans dat later (nog) belastingrente is verschuldigd.
Heb je vragen over de gevolgen van de collectieve uitspraken op massaal bezwaar? Neem gerust contact op met ons, wij beantwoorden graag jouw vragen!
[1] Het hogere rentepercentage dat voor de vennootschapsbelasting geldt, is ook van toepassing op de bronbelasting als bedoeld in de Wet bronbelasting 2021.