Uitstel van betaling

  • De aanvraag

De aanvraag voor uitstel kan per brief of digitaal. Dat laatste met een online formulier via de website van de Belastingdienst. Inloggen gaat met DigiD. Dat kan met de DigiD van de ondernemer zelf of van een fiscaal dienstverlener. Als kantoorbeleid van Visser & Visser geldt echter dat de DigiD van de medewerker van Visser & Visser hiervoor niet wordt gebruikt.

Tot 1 juli 2021 is het nog mogelijk om voor het eerst 3 maanden uitstel te vragen. Deze aanvraag voor uitstel kan pas worden gedaan nadat men een (naheffings)aanslag heeft ontvangen. Er hoeft maar één uitstelverzoek te worden gedaan. Het uitstel geldt naast bestaande belastingschulden dan ook voor de belastingschulden die er in de 3 daaropvolgende maanden bijkomen. Voorwaarde is uiteraard dat men op tijd aangifte doet. Als betalingsuitstel van 3 maanden te kort is kan eveneens tot 1 juli 2021 schriftelijk voor een langere periode uitstel worden aangevraagd.

Het uitstel geldt voor meerdere soorten belastingen. Dat zijn de inkomstenbelasting, vennootschapsbelasting, loonbelasting en omzetbelasting/btw. Maar ook voor kansspelbelasting, accijns, de verbruiksbelasting alcoholvrije dranken, assurantiebelasting, verhuurderheffing, energiebelasting en andere milieubelastingen en vergelijkbare belastingen in Caribisch Nederland.

  • Bijzonder uitstel van betaling na 1 oktober 2020

Geen verlenging aanvragen
Het eerste uitstel eindigt 3 maanden nadat u het verzoek doet. Op de ontvangstbevestiging die u ontvangt staat deze einddatum vermeld. De belastingaanslagen waarvoor uitstel is verleend, maar ook schulden vóór maart 2020 hoeft u niet ineens te betalen na afloop van het uitstel. Ten aanzien van de belastingschuld die is opgebouwd tijdens het uitstel en de schuld vóór maart 2020 biedt de Belastingdienst een betalingsregeling aan. De betalingsregeling loopt van 1 oktober 2021 tot 1 oktober 2024 en u betaalt dan 36 maanden lang elke maand een vast bedrag.

Betalingsverplichtingen die ontstaan na de periode van 3 maanden waarvoor het uitstel gold vallen niet meer onder het uitstel. Nieuwe aangiften btw of loonheffingen, dient u weer op de gebruikelijke wijze te betalen. Stel dat u uitstel heeft tot 1 juli 2021, dan moet op tijd belasting aangegeven en betaald worden over de volgende tijdvakken:
- 2e kwartaal 2021;
- juni 2021;
- 6e vierwekenperiode van 2021;
- De daarna volgende tijdvakken;

Verlenging aanvragen
Verwacht u dat u nieuwe betalingsverplichtingen na afloop van het 3 maanden uitstel niet op reguliere wijze kunt betalen? Dan kunt u uiteraard verlenging van het reeds toegekende uitstel aanvragen. Verlengd uitstel loopt altijd tot 1 juli 2021.

  • Bij aanvraag van verlengd uitstel voor een bedrag vanaf € 20.000 zal nadere informatie aan de Belastingdienst moeten worden verstrekt. Dat betreft informatie waaruit blijkt dat de betalingsproblemen zijn veroorzaakt door de coronacrisis. Voorts moet een verklaring van een derde-deskundige, een financieel adviseur, worden bijgevoegd, inclusief een zogenoemde liquiditeitsprognose. Deze informatie kan met het online formulier worden meegestuurd. Een schriftelijk verzoek is overigens ook mogelijk.
  • Bedroeg de belastingschuld ten tijde van het eerste uitstelverzoek minder dan € 20.000, dan kunt u eenvoudig per brief of digitaal om verlenging verzoeken. Een verklaring van een deskundige is dan niet nodig.

De betalingsregeling bij verlengd uitstel loopt van 1 oktober 2021 tot 1 oktober 2024 en u betaalt dan 36 maanden lang elke maand een vast bedrag. Indien dit niet mogelijk is zoekt de Belastingdienst samen met u naar een oplossing. Tussentijds aflossen voor zover de situatie dat toelaat is uiteraard mogelijk, daar is geen aparte betaalafspraak voor nodig.

De tijdlijn tot 1 oktober 2021

  • 1 juli 2021: deadline aanvraag eerste uitstel (3 maanden) en/of verlenging bijzonder uitstel van betaling;
  • Na 1 juli 2021: u ontvangt een brief van de Belastingdienst met een voorstel voor een betalingsregeling. In de brief staat een voorlopig overzicht van de belastingschuld, de voorwaarden van de betalingsregeling en het maandbedrag van de betalingsregeling;
  • 1 oktober 2021: de Belastingdienst verwacht dat u begint met het aflossen van uw belastingschuld.

Deblokkering g-rekeningen

Bedrijven die personeel uitzenden, uitlenen of detacheren en g-rekeningen gebruiken, kunnen bij de Belastingdienst verzoeken om het tegoed op deze rekeningen te deblokkeren. In normale situaties kan daarmee alleen het overschot op de g-rekening worden vrijgegeven. Om ondernemingen tegemoet te komen, zoals de bouw en de uitzendbranche, kunnen tijdelijk ook bedragen worden vrijgegeven die zijn gereserveerd voor reeds opgelegde naheffingsaanslagen loonheffing of btw. Voor die aanslagen moet dan wel eerst bijzonder uitstel van betaling worden gevraagd vanwege de coronacrisis.

De verruimde deblokkeringsmogelijkheid geldt dan voor bedragen waarvoor bijzonder uitstel is verleend of waarvoor de invordering is opgeschort in verband met bijzonder uitstel van betaling. Er vindt bij de deblokkering geen verrekening plaats met andere schulden waarvoor bijzonder uitstel is verleend of waarvoor de invordering is opgeschort in verband met bijzonder uitstel van betaling. De verruiming kan worden beperkt in situaties van misbruik of oneigenlijk gebruik. Voor het verzoek is een formulier beschikbaar op de website van de Belastingdienst.

In lijn met de afbouw van de versoepelde uitstelregeling, wordt ook de verruimde deblokkeringsmogelijkheid van de g-rekening afgebouwd. Zolang en voor zover u uitstel van betaling geniet en zich aan de lopende betalingsverplichtingen en aflossingsverplichting houdt, blijft deblokkering van het G-rekeningensaldo mogelijk. Het versoepelde beleid ten aanzien van de g-rekening loopt definitief af op 1 oktober 2024.

Belasting- en invorderingsrente

De Belastingdienst heeft tijdelijk zowel de invorderingsrente als de belastingrente verlaagd naar 0,01%. Vanaf 1 oktober 2020 is het tarief van de belastingrente voor de inkomstenbelasting weer 4%. De belastingrente voor de vennootschapsbelasting zal tot en met 31 december 2022 ook op 4% worden gesteld, in plaats van het oorspronkelijke niveau van 8%. De invorderingsrente, is in het kader van de coronamaatregelen vanaf 23 maart 2020 tot en met 31 december 2022 verlaagd naar 0,01%. Meer informatie leest u in de volgende blog.

Vaste reiskostenvergoeding en thuiswerken

Krijgen uw werknemers een vaste reiskostenvergoeding die vaststond op 12 maart 2020 en werken zij nu (bijna) volledig thuis? Dan hoeft u de vaste reiskostenvergoeding niet aan te passen. Zolang de crisismaatregelen gelden, mag u blijven uitgaan van het reispatroon waarop de vergoeding gebaseerd was. Dat mag ook als u een nacalculatie voor de vaste reiskostenvergoeding doet. Het ongewijzigd doorlopen van vaste reiskostenvergoedingen vervalt per 1 april 2021. Meer informatie leest u in de volgende blog.

Een verlaging van het gebruikelijk loon bij omzetdaling

Ondernemers die zelf meewerken in de vennootschap waarin zij een aanmerkelijk aandelenbelang hebben moeten loonheffingen betalen over een loon dat passend is bij de arbeid die ze verrichten. Dat is ook zo als de onderneming minder of geen omzet behaalt. Omdat er door de coronacrisis veel omzetverlies is, wordt mogelijk gemaakt dat deze ondernemers tijdelijk van een lager loon mogen uitgaan, in verhouding tot de omzetdaling van het bedrijf. Dit mag vooralsnog over de jaren 2020 en 2021. U hoeft voor die verlaging geen toestemming van de Belastingdienst te vragen. Meer informatie leest u in de volgende blog.

Leaflet gebruikelijk loon

Versoepeling urencriterium

Ondernemers kunnen gebruik maken van bepaalde aftrekposten (zoals de zelfstandigenaftrek, de meewerkaftrek en de oudedagsreserve) als ze 1225 uur per jaar aan hun onderneming besteden en ondernemer zijn voor de inkomstenbelasting. Om te voorkomen dat ondernemers het recht op de aftrek verliezen zal de Belastingdienst er van 1 maart 2020 t/m 30 september 2020 en 1 januari 2021 t/m 30 juni 2021 van uitgaan dat deze ondernemers ten minste 24 uren per week aan de onderneming hebben besteed, ook als ze die uren niet daadwerkelijk hebben besteed. Ligt de piek van werkzaamheden normaal juist in de periode van 1 maart t/m 30 september of 1 januari t/m 30 juni, zoals bij seizoensafhankelijk werken, dan mag men er van uitgaan dat in 2020 of 2021 in die periode evenveel uren is gewerkt als in 2019 in diezelfde periode.

Werkkostenregeling

Via de werkkostenregeling kunnen werkgevers onbelaste vergoedingen aan werknemers geven. De vrije ruimte die werkgevers hebben om deze onbelaste vergoedingen te geven wordt eenmalig verhoogd van 1,7% naar 3% voor de eerste € 400.000 van de loonsom per werkgever. Werkgevers die daar ruimte voor hebben kunnen hun werknemers in deze moeilijke tijd extra tegemoet te komen, bijvoorbeeld door het verstrekken van een bloemetje of een cadeaubon. De eenmalige verhoging is tijdelijk en geldt alleen voor 2020 en 2021.

Fiscale coronareserve in de vennootschapsbelasting

Het is mogelijk om verliezen die vennootschapsbelastingplichtige bedrijven in 2020 verwachten te lijden, alvast in aanmerking nemen bij het bepalen van de winst van 2019. Meer informatie leest u in de volgende blog.

Betaalpauze voor hypotheekverplichtingen

Kredietverstrekkers zoals banken willen klanten de mogelijkheid bieden een betaalpauze van rente en aflossing aan te gaan voor maximaal twaalf maanden, als zij tijdens de coronacrisis tijdelijk niet aan hun betalingsverplichtingen kunnen voldoen. De woningeigenaar dient tussen 12 maart en 30 juni 2021 bij zijn geldverstrekker gemeld te hebben dat hij (dreigende) betalingsproblemen heeft door de coronacrisis. Voor hypotheken waarvoor een fiscale aflossingsverplichting geldt, moet dit volgens de huidige fiscale regels bij een pauze in 2020, uiterlijk per 31 december 2021 worden terugbetaald. Als de achterstand in 2021 is opgelopen, is dat dus pas per 31 december 2022. Een nieuw beleidsbesluit regelt twee zaken: ten eerste hoeft de aflossingsachterstand niet uiterlijk per 31 december 2021 of 31 december 2022 te worden betaald, maar kan deze (direct) worden uitgesmeerd over de resterende looptijd (van maximaal 360 maanden). Ten tweede kan een klant in plaats hiervan kiezen om zijn resterende lening te splitsen. Hierdoor hoeft de maximaal twaalf maanden achterstand niet per definitie te worden uitgesmeerd over de resterende looptijd, maar kan dit ook apart binnen bijvoorbeeld vijf jaar worden afbetaald. Dit biedt mogelijkheden tot maatwerk.

Graag beantwoorden wij al uw vragen over bovenstaande. U kunt daarvoor contact opnemen met uw adviseur.

Het begint met contact

Laat uw gegevens achter en wij reageren binnen 2 werkdagen

{{ errors.first("firstname") }}
{{ errors.first("lastname") }}
{{ errors.first("residence") }}
{{ errors.first("email") }}
{{ errors.first("interest") }}
{{ errors.first("privacy") }}
  • Icon Copy 3 Professioneel advies
  • Icon Copy 3 Actueel inzicht in uw onderneming
  • Icon Copy 3 Een persoonlijke adviseur